Poëzie op Zondagmorgen

Norbert De Beule – Arno Van Vlierberghe

zo 01/03/2020, 10U30
De Foyer

Wanneer Norbert De Beule (Hamme, 1957) op 46-jarige leeftijd officieel debuteert met Yelle!, is het meteen raak: de bundel wordt genomineerd voor de Cees Buddingh’-prijs en zal later bekroond worden met de Prijs voor Letterkunde van de Provincie Oost-Vlaanderen. De auteur is op dat moment leraar godsdienst en Nederlands aan de Broederschool Sint-Niklaas en voelt een grote verwantschap met de jeugdcultuur. Wanneer hij kort na dit debuut resoluut voor het schrijverschap kiest, gaat ook de publicatiefrequentie de hoogte in.
De dood van zijn vader mondt in 2006 uit in Ebdiep, een ontroerend relaas van afscheid en jeugdherinneringen. Ook de Ronde van Frankrijk en Sint-Niklaas inspireren hem tot poëzie: Geel-Zucht en RAAPstad ontstaan in samenwerking met andere dichters en fotografen. Een bundel als een muziekdoosje is Tri ti tiii, een springerige muzikale vertelling, een dans op papier. In het in 2018 verschenen Vigor anorexi laveert de dichter opnieuw moeiteloos tussen hoge en lage cultuur, tussen onderbroeken en freejazz, tussen Facebook en profeten, tussen sardientjes en de middeleeuwen.

Ook Arno Van Vlierberghe (Gent, 1990) prijkte met zijn debuutbundel Vloekschrift op de lijst van genomineerden voor de Cees Buddingh’-prijs (2018). Een debuut dat “ketterend de poëzie binnenkomt, een manifest tegen de huidige samenleving en tegen alle poëzie die op veilig speelt” (Paul Demets). Vloekschrift is het residu van een kaalslag, het stoffige overschot van een experiment in complete ontvorming. De heersende logica is die van de woekering, de wildgroei. Schreeuwerig, zelfreflexief, hyperreflexief, kwetsbaar, oprecht.
Aan het woord is een dichter die onze tijd, zijn tijd fileert en zich meteen manifesteert als “een belangrijke kritische getuige” (Dirk De Geest). Vloekschrift is een Dada-geschrift dat je, dixit de auteur, dronken moet lezen.